• 19Oct

    File server is een algemenere benaming voor een storage server. De eerste servers die men in netwerken implementeerde waren puur storage servers. Pas later is er een ontwikkeling bijgekomen van extra diensten zoals printen en e-mail.

    Bij IT heeft een storage server een primair doel. Zo kun je een deel van de ruimte beschikbaar maken om bestanden op te slaan en te delen met elkaar. Er zijn verschillende soorten computerbestanden. Je hebt documenten van excel, word, etc… Je hebt video-, afbeeldingen-, en geluidsbestanden. Er zijn database-bestanden waar allemaal gegevens inzitten. En nog vele meer. Deze bestanden staan op deze centrale plek en kunnen benaderd worden door de computers die op het netwerk zijn aangesloten. Op deze manier werken heet client-server. In deze situatie is de server de computer die de data aanbied via het netwerk en de clients de computers die de data kunnen benaderen. Een storage server doet geen ingewikkelde berekeningen, deze doet alleen de bestanden beschikbaar stellen, zo snel mogelijk beschikbaar maken. Deze servers zijn er specifiek voor gebouwd om data op te slaan en snel weer beschikbaar te stellen.

    Historisch ontstaan van storage servers

    In midden jaren 80 van vorige eeuw kwamen de netwerken in opkomst. Zoals zo vaak waren de multinationals hier als eerste meer maar zo rond 1988 begon dit ook zijn plek te krijgen bij het MKD. Novell was toen de marktleider op het gebied van fileservers. Novell had met hun Netware de eerste fileserver die de markt veroverde. Door het enorme succes kwamen andere fabrikanten ook met een fileserver product op de markt die voor de kleinere en middengrote bedrijven gemaakt was. Na al die jaren is er een overduidelijke overwinnaar, Microsoft met hun Windows server produkten. Toen de produkten begonnen op de markt te komen waren er naast de grote spelers ook nog Lantastic, OS/2 en Unix. Multinationals hadden Banyan Vines omarmt.

    In de jaren 90 was het Novell die met hun Netware produkten echt meer dan 50% van de markt beheerste. IBM en Microsoft begonnen Novell al snel in te halen. Nu 20 jaar verder zie je Novell bijna niet meer. Nu zie je vooral Linux en Microsoft besturingssystemen draaien op fileservers en NAS produkten.

    Verschillende types storage servers

    De storage server kan uitgevoerd worden als non-dedicated of als dedicated. Het Engelse woord zegt het duidelijk. In het Nederlands is het iets moeilijker. Eenvoudig verteld is dedicated dat het alleen voor die specifieke taak is ontworpen.

    Mocht je bestanden beschikbaar willen stellen via internet dan zal dit bijna altijd gebeuren via File Transfer Protocol. De afkorting hiervan zul je zeker zijn tegengekomen tijdens het surfen, FTP. HTTP kan hier ook voor gebruikt worden. De kans is groot dat jouw storage server in je eigen netwerk zal werken volgens Microsoft’s Server Message Block, ook wel SMB genoemd. NFS is typisch Unix. NFS is een afkorting die staat voor ‘Network File System’.

    Verschillende ontwerpen van storage servers

    Je kunt kiezen uit diverse ontwerpen storage servers. Dit is vooral afhankelijk van de wensen van de klant. Beschikbare ruimte, snelheid, betrouwbaarheid, gemak onderhoud, beveiliging en natuurlijk budget. De wensen en behoeften groeien zeer snel. Hier moet zonder al te veel moeite op ingehaakt kunnen worden. Stel dat je voor het feit komt te staan dat het aantal gebruikers groeit. Je hoeft dan niet altijd een nieuwe storage server te kopen omdat sommige uit te breiden zijn door de inzet van clustering. Het toepassen van deze nieuwe technologien is erg fijn omdat je de mogelijkheid hebt om te groeien. De nieuwe systemen moeten wel een mechanisme hebben ingebouwd die transparante werking garandeert richting de clients zodat deze kunnen blijven werken zonder al te grote investering of inspanning.

    De trend zal zich vooral gaan richten op doorvoersnelheid, hoe om te gaan met piek momenten en de algehele responsetijden.

    In de 1990s, werd een introductie gedaan van gespecialiseerde storage servers, namelijk de NetApp filers. In het begin werd dit produkt door multinationals en grote bedrijven ingezet. Je kunt dit produkt zien als de voorloper op de nu bekende NAS. NAS staat voor Network Attached Storage. Naast dit heb je ook de network appliances. Deze storage servers hebben een eigen OS en daarom uitermate geschikt om in te zetten bij grotere oplossingen. Wel tot honderden schijven. Later is er nog iSCSI bijgekomen. Je kunt nog stellen dat NAS als primaire technologie gebouwd is rondom fileserver principes.

    Beveiliging van storage servers

    Dankzij beveiliging is het mogelijk om bestanden beschikbaar te stellen aan bepaalde gebruikers of zelfs groepen maar eventueel ook expliciet af te schermen van bepaalde groepen of gebruikers. In grote bedrijven of organisaties wil je een gedetailleerde mogelijkheid hiervoor hebben. Directory Services is de juiste benaming hiervoor. Bij Unix en Linux heb je LDAP, Novell heeft zijn eDirectory en Microsoft heeft Active Directory. Banyan Vines had Streettalk.

    Bepaalde eigenschappen van streettalk vind je nu terug in Active Directory van Microsoft. In het begin had Microsoft Domain als directory services maar hier kleefden wat beperkingen aan. Active Directory kun je ook apparaten en computers rechten geven of ontnemen.

« Previous Entries   Next Entries »